Hoe de minister van EZ de marktwerking verzwakt

Gepubliceerd op 27 oktober 2006.

Onderstaand artikel verscheen op 27 oktober 2006 in Automatiseringgids (week 43).

Medio augustus van dit jaar schreef ik het opiniestuk voor Automatiseringgids, “Een software-monopolie bij de overheid stopt niet vanzelf” (18 augustus 2006, AG week 33). Daarin betoogde ik ondermeer dat de grootse plannen rond open source en open standaarden van de rijksoverheid de afgelopen jaren vrijwel uitsluitend geleid hebben tot wijzigingen aan de server-kant. Ik schreef toen: “Aan de desktop-kant gebeurt vooralsnog nauwelijks iets.”

Het is altijd aardig om in het gelijk bevestigd te worden, maar ik had nog niet eerder de eer om die bevestiging te lezen in een brief van de minister van Economische Zaken.

De minister schreef afgelopen dinsdag (17 oktober) een een brief aan de Tweede Kamer, met als titel: “Microsoft Word - 6083819.doc”, waarin hij een overzicht geeft “van de uitvoering van de motie-Vendrik van 20 november 2002 over het gebruik van open source software en open standaarden door de publieke sector” (kenmerk ET/IT / 6083819).

Wie de brief goed leest, ziet dat de minister eigenlijk zegt dat hij de motie Vendrik niet gaat uitvoeren: “Door tal van juridische verplichtingen en bestaande contracten is het echter niet realistisch gebleken om alle software in de publieke sector daaraan [aan open standaarden, VS] te laten voldoen. Met name veel voor de desktop gebruikte software voldoet daar niet aan. De contracten met leveranciers en mogelijk aanzienlijke migratiekosten maken een overstap moeilijk.”

Vergelijk dat met de motie: “constaterende, dat de aanbodzijde van de softwaremarkt op dit moment sterk geconcentreerd is en het veranderen van leverancier vaak hoge overstapkosten met zich brengt; […] verzoekt de regering zich maximaal in te zetten om hier verbetering in aan te brengen;” (KST64791, 20 november 2002)

In Jip-en-Janneke-taal staat er:
  • in 2002 verzoekt de Tweede Kamer de regering om iets te doen aan de marktconcentratie en het feit dat de overstapkosten in de softwaremarkt zo hoog zijn
  • de minister denkt vier jaar diep na en zegt dan: dat kan niet, want de overstapkosten zijn te hoog.

Gelukkig begint de minister zijn brief met “Er zijn het afgelopen jaar goede vorderingen gemaakt op het vlak van open standaarden en open source software bij de overheid”. Men kan eenvoudig afleiden, dat deze vorderingen derhalve plaatsvonden op gebieden, waar de overstapkosten lager zijn en/of waar geen contractuele belemmeringen bestaan. We concluderen: op markten waar geen hoge overstapkosten zijn, maakte de minister de concurrentie nog groter dan ‘ie al was. Raad eens wiens marktaandeel zo in relatieve zin versterkt wordt?

(Niet die van de minister, in elk geval).